Twan

Geweldige man en vader, goede vriend, charisma, levensgenieter, lange wandelingen over historische paden en door het heuvelland, klassieke muziek, reizen, ademinnetjes in de auto, een klontje suiker in de thee, twee in de koffie, gebak op zondag, schuddebuiken van het lachen, kleine sigaartjes na het eten,….

Twan in een paar woorden omschrijven is onbegonnen werk. Twan was een veelzijdige man en een markante verschijning. Bourgondiër in hart en nieren. Familie was alles en hij was dan ook het meeste in zijn element als hij je thuis kon ontvangen met een drankje om je vervolgens een culinaire maaltijd voor te zetten waar menig chef jaloers op zijn. Urenlang tafelen was geen uitzondering, eerder de regel.
Twan gaf al zijn gasten het gevoel echt welkom te zijn.

Hij liet iedereen in zijn waarde  en stond, daar waar mogelijk, ook altijd voor je klaar.  Hij dwong respect af door zijn kennis en de manier waarop hij zijn bedrijf had opgebouwd maar ook door de  onverstoorbare rust die hij uitstraalde. Ik had het geluk dat ik 8 jaar nauw met hem samen mocht werken.
Twan was niet zomaar een baas, Twan was een opperbaas.

Hij was kapitein en stuurman tegelijk. Of dat nu op de zaak was of tijdens de zeilvakanties die hij samen met Adele en de kinderen maakte. In het begin op het IJsselmeer en later in Griekenland met een catamara, zeilend van eiland naar eiland. Hij genoot en had ook altijd al de volgende tocht geboekt nog voor ze op de terugweg waren. Dit jaar echter besloot hij dat het genoeg geweest was. Het werd veel te druk rond de eilanden en er zou vast wel weer iets anders voor in de plaats komen. Het mocht niet zo zijn.

Net nu hij besloten had om het rustiger aan te gaan doen werd hij wreed uit ons midden weggerukt.

Troeës

Wie vöal wöad kan me nog zage
wen d’r zin  d’rneëver jeet,
wen me sjtoksjtief, wie jesjlage
wie an eëd jeneëld sjteet.

Wie kan me nog wermde bringe
wen ’t hats  wie ies zoeë kaod,
woa kan me nog  troeës da vinge
weë wees hei da noen nog road?

Oane leed jieët ’t jee leëve
oane troane  jinne laach,
döks zouw me alles wille jeëve
um tse endere deë inne daag,


Adieë Twan, oane ’t tse wisse hast doe  dieng letste rees jemaat