Nachtvorst

Vanochtend werd ik wakker in een prachtige witte wereld. Met telefoon en fototoestel in mijn tas ben ik de deur uitgegaan om een beetje van al dat moois in mijn achtertuin vast te leggen.

006008010011

013024028034053045

 

Al een tijdje volg ik diverse blogs die me steeds weer stil laten zijn vanwege de prachtige foto’s, al dan niet voorzien van tekst. De hoogste tijd om jullie hier eens kennis mee te laten maken.

An*. Haar foto’s spreken ook zonder tekst boekdelen.Adembenemend mooi.

Noortje, “een lofzang op het leven in woord en beeld” zegt ze zelf…ik zou het niet beter kunnen omschrijven.

 

 

 

Advertenties

Leegstand en verval

Ik heb niets met politiek, nooit gehad ook. Ik maak onderdeel uit van de bevolkingsgroep die er gewoonweg geen vertrouwen in heeft. Dat dit wantrouwen niet ongegrond is wordt ook in mijn dorp weer bevestigd

Neem de vergrijzing waar constant over geroepen wordt. Vier ochtenden in de week sta ik samen met een enorme horde scholieren op het station te wachten op een veel te kleine trein waar de hele bups blijkbaar toch telkens weer in past. Er komt een beetje duw en ellebogenwerk aan te pas, maar het lukt. Jong volk in overvloed, want dat is maar een klein gedeelte van onze schoolgaande jeugd. De rest begeeft zich op dat moment namelijk naar de plaatselijke school waar deze zomer in allerijl 10 noodlokalen bijgeplaatst zijn. Er valt voor die doelgroep niet veel te beleven in het dorp. De plaatselijke disco (heet dat nog zo?) is maar beperkt geopend en alleen toegankelijk voor 16 jaar en ouder. Er zijn wel meer dan genoeg lunchrooms  maar die worden voornamelijk bezet door de rollator generatie en zijn om 18.00 uur gesloten. Ik begrijp best dat onze jeugd hun vertier dus elders gaan zoeken.

De middenstad doet vreselijk haar best om deze doelgroep nog iets te bieden en bedacht iets leuks voor de maand december. Een carrousel voor de kleintjes, een paar kerstmarktkraampjes, een oliebollenkraam, kerstmuziek, voor elke winkel versierde kerstbomen en nog meer van dat soort ideeën die het hart van ons dorp aantrekkelijk zou moeten maken voor het winkelende publiek. Alleen…de verantwoordelijke wethouder blijkt niet mee te willen werken, sterker nog, hij wijst het hele plan af. Daarvoor in de plaats staat er nu een auto op een podium aan het begin van het voetgangersdomein. Leuke actie van de winkeliersvereniging, koop en win een auto, volgens de wethouder al eerder aangevraagd, maar nul komma nul waarde als het op sfeer aankomt. Kleintjes vinden auto’s misschien wel leuk, maar liever zien ze zo’n ding op een draaimolen. De jeugd hangt liever rond bij een oliebollen of glühweinkraam dan bij een auto waar ze te jong voor zijn om in te mogen rijden.

Zouden we van een gemeente niet een pro-actievere houding  mogen verwachten als het gaat over de aankleding  en het aantrekkelijk maken van het winkelgebied voor onze jeugd? Is vooruit denken niet het beste regeren?  Het tegenovergestelde lijkt namelijk het geval. De manier waarop men nu te werk gaat jaagt men onze jeugd alleen sneller het dorp uit en daarmee bezegel je ook ons lot voor de toekomst.

Leegstand en verval.

Verliefd op Limburg

mooi Limburg

Het zijn rustige tijden. Dagen worden gevuld met reizen, werken, genieten. Vier dagen per week, twee keer per dag, boemel ik mee op het ritme van Veolia. Het Limburgse landschap  in al haar schoonheid trekt aan mijn oog voorbij. Glooiende heuvels bedekt met een mantel van groene weiden en omgeploegde velden. Grazend vee  aan de rand van pittoreske boerderijen die in de tijd stil lijken te hebben gestaan. Het landschap van mijn voorouders. Geen moment van verveling. Elk jaargetijde haar eigen charme, elke dag ontdek ik mijn thuisland opnieuw.

Wat mijn ogen zien probeert mijn telefoon vast te leggen. Steeds weer druk ik het toestel tegen het raam en klik klik klik tot hoge bomen of groene wallen het zicht ontnemen. Elke dag probeer ik dat ene oude huis, net zichtbaar tussen een veelvoud aan bomen, dat heldere beekje, de witte dikbillen, wiens machtige kaken traag het gras vermalen, te pakken te krijgen.

Niet alles lukt, zelden ben ik echt tevreden. Niets doet volgens mij recht aan wat het blote oog kan zien. Selecteren en verwijderen. Soms ruim ik rigoureus op, soms met pijn in mijn hart, opslag is nu eenmaal beperkt.  De ‘mooiste’ krijgen een plek op facebook, twitter of path

Zo verliefd  op Limburg en die liefde deel ik graag

Het is maar een nummer

3540…Het nummer waar het allemaal mee begon. Begin jaren 60, een nieuw huis en een telefoon die niet aan de muur hing, maar los op het tafeltje in de hal stond. Als het daar te koud was sleepte je  het lichtgrijze toestel mee de kamer in waar je, met je benen bungelend over de rand van de stoel, ellenlange gesprekken voerde met vriendinnen, terwijl je het snoer om je vingers draaide.
Jarenlang nam je dat nummer mee. Naar school, op vakantie, naar het buitenland, naar je werk. Het enige wat je moest doen was op zoek naar een toestel of een telefooncel. Steeds weer kwamen die 4 cijfers naar boven als je even contact met thuis wilde maken. Ze lagen altijd voor het grijpen. Ook nadat je al lang en breed eigenaar van een ‘eigen’ nummer was, bleef het oude vertrouwde een belangrijke rol spelen

Tijden veranderden, maar het nummer bleef, hier en daar aangepast aan nieuwe tijden.  Er kwam  45 vóór 35 40, het netnummer werd regionaal en als klap op de vuurpijl werd er ook nog een 5 aan het nummer toegevoegd. En toch…een niet te vergeten combinatie. Het zit nog steeds, net  als  het nummer van mijn eerste bankrekening, vastgeroest  in mijn geheugen.

Nu neem je je telefoon overal mee naar toe. Geen plek waar je niet bereikbaar bent. De ouderwetse draaischijf heeft plaatsgemaakt voor een scherm. De toppen van je vingers scrollen en  gaan op zoek  naar een naam waar een nummer achter verborgen ligt. Een zachte tik is voldoende om ergens een telefoon over te laten gaan. Met een beetje geluk wordt er opgenomen maar meestal krijg je het bekende geluid van de voicemail die je precies laat weten wat de bedoeling is.

Nummers onthouden hoeft niet meer, zelfs je eigen niet. Deze generatie groeit op  zonder dat ze ooit dat speciale gevoel  zullen kennen dat onlosmakelijk verbonden is aan een nummer  dat ‘thuis’ betekende

045 545 3540

Vechten tegen de bierkaai

Telkens weer dat gevecht tegen de lusteloosheid. Keer op keer  dezelfde uitvluchten, kan niet, wil niet ..is niets voor mij. Gevangen tussen vier muren, geen behoefte aan gezelschap, geen zin in sociaal contact.

Soms zou ik de deur voor eens en voor altijd achter me dicht willen trekken. Verveling verlamt.

Stilte

Mandarijn

Geveld door de griep ziet de wereld er ineens anders uit. Centraal staat mijn bed en de bank in de woonkamer fungeert als tweede veilige haven. Het duizelt me af en toe. Tussen hevige hoestbuien, een lopende neus en tranende ogen lijkt slaap de beste manier om de tijd te verdrijven. Mijn altijd gehaaste lijf heeft ineens tijd over. In hangmodus zie je de tv vanuit een heel andere hoek en blijkt de i-pad ook minder handig. In het ergste geval glijdt hij uit je handen terwijl je in slaap dommelt. Mijn (online) leven staat even (bijna) helemaal stil. Ik kan mezelf weer horen denken.

Open vizier

open vizier

Voor het eerst in maanden heb ik het huis even voor mij alleen. De radio telt af naar het ultieme nummer dat over een paar dagen om klokslag 12 uur  het jaar 2012 moet gaan afsluiten. Met mijn lijf op het aanrecht, achterwerk in de lucht bekijk ik de straat. In de heg voor ons huis beweegt een enkel bruin blad op de nukken van de wind. Verdord siergras buigt en komt weer overeind. Geen winter uit het boekje met sneeuw en ijs, maar nat en winderig.

Terwijl de eerst nog winterblauwe lucht langzaam de kleur van eentonig grijs begint te krijgen, verwarm ik me aan de wetenschap dat ik thuis ben, ook al is dat thuis in de loop van de jaren verandert. Bij de huizen aan de overkant zijn bijna alle rolluiken gesloten. Een beeld waar ik me nog steeds over verbaas. Daglicht buitensluiten, opgesloten tussen 4 muren en geblindeerde ramen, leven in kunstlicht. Ik kan me er niets bij voorstellen. Je eigen wereld zo klein maken dat er niets, maar dan ook echt niets, van buiten naar binnen komen kan.

De overbuurvrouw rijdt achteruit onze oprit op om zo in een keer haar eigen carport in te kunnen rijden. Een recht dat ze zich in de loop van de jaren toegeëigend heeft en waarin ze onze auto als een obstakel ziet. In haar visie zijn wij de indringers die haar beletten om deze parkeerwijze tot in het einde der dagen voort te zetten. Ik glimlach en bedenk dat er in de toekomst nog wel wat verworven rechten zullen sneuvelen, net als wij ons aan zullen moeten passen aan de gewoontes van de straat. Alleen… die rolluiken?, ….die blijven bij ons echt omhoog…

Geschreven op een van de laatste dagen van het oude jaar maar omdat weblog het af liet weten nu pas gepost